hoe aanpakken

De eerste keer iemand vertellen over je gendervariante gevoelens of genderidentiteit is vaak de grootste en moeilijkste stap. Maar ook later in je leven, bijvoorbeeld bij het daten of bij nieuwe vriendschappen, kan het thema zich opnieuw aandienen. Je stelt je telkens kwetsbaar op, en het vertellen kan gepaard gaan met twijfel en onzekerheid. Laat dit gevoel je echter niet verlammen of forceren. Je kan jezelf voorbereiden aan de hand van enkele richtinggevende vragen:

De WAT-vraag

Het is zinvol voordien af te bakenen wat je wil vertellen, bespreken en afspreken. Deze aangebrachte inhoud is best tweeledig, omdat de ander een dubbele nood aan informatie kan ervaren.

  • Het is enerzijds belangrijk dat je kennis hebt over wat transgender zijn in het algemeen betekent; of waar die kennis terug te vinden is. Op deze website vind je heel wat informatie en verschillende brochures.
  • Anderzijds is het nuttig dat je nadenkt over wat het transgender zijn voor jou betekent: een vertaling van de algemene informatie naar jouw individuele situatie. De ander heeft wellicht nog nooit vanuit die bril naar jou gekeken, en zal de situatie hopelijk proberen te begrijpen. Je kiest hierbij zelf welke details je over jezelf vertelt. Ook kan je doorverwijzen, naar bijvoorbeeld de website van het Transgender Infopunt, zodat je hier niet steeds zelf uitgebreid op in hoeft te gaan.

Afhankelijk van de context kan het nodig zijn om meer of minder uitleg te geven. Wanneer je bijvoorbeeld een tijdje afwezig zal zijn omwille van medische ingrepen, dan weet je dat je hierover vragen kan krijgen, alsook dat je dit mogelijks moet aanvragen of inplannen. Deze aankondiging betekent niet dat je details hoeft te geven over de ingreep zelf, het is immers jouw medische privacy.

Je probeert ook best de eigen verwachtingen te formuleren: “Wat heeft me gemotiveerd om dit te vertellen?” en “Wat hoop ik dat er verandert?”. Dit benoemen geeft houvast, en biedt een concreet en helder toekomstperspectief.

Daarnaast is het ook goed om voordien kort stil te staan bij de “Wat als”-vraag en een goede manier om met reacties om te gaan. “Wat mogen anderen weten: wat is gepast of privé?” en “Waar wil ik zelf liever (niet) op antwoorden?”. Opnieuw, je kan en mag zelf uitleg geven, en kan doorverwijzen naar een steunfiguur of hulpverlener. Deze website of andere relevante bronnen aanraden kan eveneens. Evengoed heb je de optie om het moment tijdelijk af te sluiten wanneer het niet helemaal loopt zoals gehoopt of verwacht. Je kan benoemen: “Dit is voorlopig wat ik wilde zeggen” of “Ik ben blij dat je wilde luisteren, maar ik wil het hierbij laten”. Het is hierbij wel belangrijk ook aan te geven of je hier eventueel later graag op terug komt.

De WANNEER-vraag

De juiste plaats en het goede moment is dat wat veilig en comfortabel aanvoelt. Vertellen over gendervariante gevoelens of genderidentiteit tijdens discussies en ruzies of wanneer iemand gehaast is wordt afgeraden omdat dit maar zelden goede reacties oplevert. De ander moet tijd en ruimte krijgen om de zelfonthulling te laten doordringen. Iemand informeren bij het begin van een weekend laat toe er nog eens rustig over na te denken, en er eventueel op terug te komen in een goed gesprek. Je denkt ook best na over wie en in welke volgorde zal worden geïnformeerd. Mensen die dichtbij je staan zouden zich al snel voorbij gestoken kunnen voelen. Het is ook belangrijk een onderscheid te maken tussen vertellen over gendervariante gevoelens of genderidentiteit en de voornaamswijziging, rolwissel of reeds gezette stappen. Een combinatie van beide aankondigingen kan namelijk overweldigend overkomen. De genderexpressie aanpassen zonder een woordje uitleg kan bovendien tot geroddel leiden.

De HOE-vraag

Elke zelfonthulling is anders en bijgevolg is er ruimte om te zoeken waar je je goed bij voelt. Immers, anderen informeren over je gendervariante gevoelens of genderidentiteit is persoonlijk. De eigen stijl/voorkeur, de situatie, en de anderen zijn van invloed op hoe iets kenbaar wordt gemaakt.

Manieren om anderen te informeren

  • Een gesprek
  • Een brief
  • Een e-mail bericht
  • Een geboortekaartje/babyborrel

Elke vorm heeft natuurlijk eigen voor- en nadelen. De mate van confrontatie kan overwogen worden bij de keuze. Evenals of je er nood aan hebt om het verhaal te kunnen brengen zonder onderbrekingen. Het is hierbij belangrijk bewust te zijn van welk effect verwoording kan hebben. Afhankelijk van de situatie kan je daarom verkiezen om te starten met “Ik twijfel over mijn genderidentiteit” in plaats van “Ik ben transgender”. Wil je en zachte opening maken, of meteen duidelijkheid scheppen? Het hangt er natuurlijk sterk van af in welke situatie je je bevindt. Daarnaast is het aangewezen om (in de buurt) aanwezig te zijn en blijven wanneer de ander de gendervariante gevoelens indirect, bijvoorbeeld via een brief, te weten komt. Leg dus geen brief op tafel om daarna een week te verdwijnen.

Struisvogeltechnieken: een minder goed idee

  • Je kan er nood aan hebben om de ander voor te bereiden op wat jij wil zeggen. Echter, aankondigen dat je met iets zit in een sms-bericht zorgt voor ongemakkelijke communicatie. Je hebt te weinig tekens om je verhaal te brengen. Je weet niet welke indruk dit signaal op de ander maakt en kan geen kadering geven. Ook daarom is documentatie over het transgenderthema introduceren als trigger niet aangewezen. Er ontstaat vaak meer onduidelijkheid dan wanneer je de dialoog aangaat.
  • Tijdens een autorit kan je oogcontact vermijden. Dit kan echter gevaarlijke situaties veroorzaken, wanneer de chauffeur bijvoorbeeld schrikt van je boodschap. Wacht dus misschien even tot jullie geparkeerd zijn. Er zijn ook andere activiteiten, zoals een wandeling, waarbij je over je gevoelens kan vertellen zonder dat oogcontact per se nodig is.
  • Naamsverandering op sociale media. Omdat de nodige uitleg/kadering vanuit jou ontbreekt, zal het onduidelijk zijn wat wordt bedoeld en of dit serieus genomen moet worden. De bredere kennissenkring informeren kan eventueel wel via sociale media, wanneer je in dit bericht ook context meegeeft.
  • Een filmpje waarin de gendervariante gevoelens worden verteld. Het is belangrijk in vraag te stellen wie dit filmpje kan zien, en of je (nu al) wil dat deze personen geïnformeerd worden. Het risico is ook dat mensen zich gekwetst voelen omdat het hen niet persoonlijk werd verteld.

Wie steunt mij?

Als je grote groepen in één keer wil informeren, kan je een steunfiguur zoeken. Het kan immers aangenaam en nuttig zijn om iemand erover te vertellen die je vertrouwt (een vriend, familielid, leerkracht, HR verantwoordelijke, …). Deze steunfiguur kan je bijstaan voor, tijdens en na de zelfonthulling. Bij deze persoon kan je ventileren over positieve en/of negatieve ervaringen. Ook kunnen je klasgenoten, collega’s, … bij deze persoon terecht met vragen die ze misschien niet aan jou durven stellen. Spreek dus op voorhand goed door wat deze persoon wel en niet mag meedelen. Mag hij/zij informatie geven over geplande operaties bijvoorbeeld? Of verwijs je liever door naar algemene info en hou je je eigen medische traject liever privé?

Tips

  • Pas je stijl aan naargelang je ouders, kinderen, (ex)partner, school of werk informeert
  • Durf zelfzeker zijn
  • Oefen al eens op voorhand (bijvoorbeeld voor de spiegel) en neem je tijd om de juiste woorden te zoeken
  • Beperk je tijdens je verhaal tot hoe jij je voelt
  • Besef dat jezelf kwetsbaar opstellen moedig is
  • Geef niet te veel persoonlijke details als je dat niet wilt, of als je denkt dat je daar later spijt van kan hebben
  • Respecteer je eigen grenzen, qua (medische) privacy en eigenwaarde
  • Geef ruimte aan emoties: tranen of stress hoeven niet onderdrukt te worden
  • Geef duidelijk aan waar de ander informatie en steun kan vinden (bijvoorbeeld het Transgender Infopunt, praatgroepen)
  • Wees geduldig en open voor hoe je verhaal bij de ander binnenkomt, eis niet onmiddellijk een reactie
  • Blijf zelf kalm en respectvol
  • Benadruk dat gender slechts één aspect van iemands persoonlijkheid betreft