Hoe?

Er zijn twee stappen om een aanpassing van de geslachtsregistratie door te voeren:

  1. Je geeft een eerste verklaring af aan de ambtenaar van de burgerlijke stand en doorloopt een wachttermijn van drie maanden. Tijdens die wachttermijn krijgt de ambtenaar het advies van de procureur des Konings;
  2. Je meldt je opnieuw aan bij de ambtenaar van de burgerlijke stand en daar geef je een tweede verklaring. Hiervoor heb je drie maanden de tijd.

STAP 1: eerste verklaring bij de ambtenaar van de burgerlijke stand

Bij de eerste aangifte neem je je identiteitskaart mee, en geef je een schriftelijke en ondertekende verklaring af aan de ambtenaar van de burgerlijke stand. In deze verklaring staat

  • je officiële naam en voornaam (zoals deze op je huidige identiteitskaart staan), je geboortedatum en geboorteplaats;
  • dat je al een hele tijd overtuigd bent dat het geslacht op de geboorteakte niet overeenstemt met de innerlijke beleefde genderidentiteit;
  • Dat je de administratieve en juridische gevolgen van een aanpassing van de geboorteakte kent en wenst.

Je kan een voorbeeldbrief voor deze verklaring downloaden in de rechter zijbalk. Dit formulier kan je thuis invullen, ondertekenen en meenemen wanneer je aangifte doet bij de burgerlijke stand. Je kan dit formulier ook krijgen bij de ambtenaar van burgerlijke stand en ter plaatse invullen.

Wanneer de ambtenaar van de burgerlijke stand de aangifte heeft ontvangen, krijg je hier een ontvangstbevestiging van (zie rechter zijbalk), die je bewaart om mee te nemen wanneer je de tweede verklaring (stap 2) gaat afleggen. De ambtenaar geeft hij je eerste verklaring door aan de procureur des Konings bij de rechtbank van eerste aanleg. Deze heeft drie maanden de tijd om een negatief advies uit te brengen. Concreet zal deze kunnen nagaan of er geen sprake is van identiteitsfraude. Bij een negatief advies brengt de ambtenaar jou daar direct van op de hoogte. Indien er geen advies volgt, wordt het advies positief geacht en ga je tussen de drie en zes maanden terug naar dezelfde ambtenaar van de burgerlijke stand.

STAP 2: bevestiging van de verklaring bij de ambtenaar van burgerlijke stand

Ten vroegste drie maanden en ten laatste zes maanden na de aangifte ga je terug naar dezelfde burgerlijke stand waar de aangifte werd gedaan. Wanneer er geen negatief advies van de procureur des Konings is, krijg je hier geen melding van. Vanaf drie maanden na de eerste verklaring kan je dus gewoon terug naar de burgerlijke stand gaan voor de tweede verklaring. Wanneer je te lang wacht (meer dan zes maanden), moet je een nieuwe procedure starten, en dus terug drie maanden wachten. Hou dus goed bij binnen welke termijn je je terug bij de burgerlijke stand moet melden.

Wanneer je de tweede keer langsgaat bij de ambtenaar van burgerlijke stand, neem je je identiteitskaart mee en het ontvangstbewijs dat je kreeg bij de eerste aangifte, en teken je opnieuw een schriftelijke en ondertekende verklaring waarin staat:

  • je officiële naam en voornaam (zoals deze op je huidige identiteitskaart staan), je geboortedatum en geboorteplaats;
  • dat je nog steeds overtuigd bent dat het geslacht vermeld in de geboorteakte niet overeenstemt met de innerlijke beleefde genderidentiteit;
  • dat je je bewust bent van de administratieve en juridische gevolgen van deze aanpassing van de geboorteakte;
  • dat je je bewust bent van het onherroepelijke karakter van de aanpassing van de geboorteakte.

Ook voor deze tweede verklaring is er een modelformulier beschikbaar in de rechter zijbalk dat je op voorhand kan invullen en meebrengen. Je kan dit formulier ook krijgen bij de ambtenaar van burgerlijke stand en ter plaatse invullen.

Na deze tweede verklaring moet de ambtenaar van burgerlijke stand het geregistreerde geslacht op je geboorteakte wijzigen. Ook op je andere akten van de burgerlijke stand en deze van je kinderen wordt de aanpassing in de kant vermeld (enkel die akten waar jij ook in vermeldt staat). In de brochure in de rechter zijbalk vind je een overzicht van alle instanties waarbinnen je geslachtsregistratie automatisch ook zal gewijzigd worden, en bij welke instanties je je wijziging zelf zal moeten doorgeven.

Minderjarig?

Vanaf de leeftijd van 16 jaar kan een jongere een verzoek indienen tot aanpassing van het geslacht. De stappen zijn dezelfde als hierboven beschreven, maar er zijn twee bijkomende vereisten: 1) de jongere van 16-17 jaar moet bij de aangifte ook een verklaring van een kinder- en jeugdpsychiater voegen, en 2) de jongere moet zich laten bijstaan door beide ouders.

De kinder- en jeugdpsychiater moet bevestigen dat de jongere over voldoende onderscheidingsvermogen beschikt om de voortdurende overtuiging te hebben dat het geboortegeslacht en de innerlijk beleefde genderidentiteit niet overeenstemmen. Deze bekijkt dus of je in staat bent om deze beslissing alleen te nemen (niet of er een verschil is tussen je geboortegeslacht en je innerlijk beleefde genderidentiteit, noch of er sprake is van genderdysforie). Een modelformulier voor deze verklaring kan je vinden in de rechter zijbalk.

De niet-ontvoogde minderjarige wordt bijgestaan door beide ouders of door een wettelijke vertegenwoordiger. De beide ouders moeten de eerste en tweede verklaring ondertekenen. Indien het onmogelijk is voor de ouders om gelijktijdig bij de burgerlijke stand de verklaringen te ondertekenen, kunnen zij dit ook elk afzonderlijk doen op verschillende momenten. Indien één of beide personen weigeren om de jongere bij te staan, kan de jongere met een verzoekschrift de familierechtbank vragen om een ‘voogd ad hoc’ aan te duiden. In dit geval krijgt de jongere een advocaat toegewezen door de rechter, die de jongere zal bijstaan in de plaats van de ouders.