Vòòr 2018

Hieronder wordt de procedure beschreven zoals deze vòòr 2018 verliep.

WIE?

Het artikel 62bis, § 1, van het Burgerlijk Wetboek duidt limitatief de personen aan die een aangifte kunnen doen, met name :

  1. de meerderjarige Belg;
  2. de ontvoogde minderjarige Belg;
  3. de niet-ontvoogde minderjarige Belg indien deze wordt bijgestaan door de moeder, de vader of de wettelijke vertegenwoordiger;
  4. de meerderjarige vreemdeling, ingeschreven in de bevolkingsregisters;
  5. de ontvoogde minderjarige vreemdeling, ingeschreven in de bevolkingsregisters;
  6. de niet-ontvoogde minderjarige vreemdeling, ingeschreven in de bevolkingsregisters, indien deze wordt bijgestaan door de moeder, de vader of de wettelijke vertegenwoordiger.

De aangever kan dus zowel een Belg als een vreemdeling zijn. Vreemdelingen kunnen evenwel enkel een aangifte doen indien zij zijn ingeschreven in het bevolkings -en vreemdelingenregister. De vreemdelingen ingeschreven in het wachtregister kunnen geen aangifte doen. De voorwaarde voor vreemdelingen van een inschrijving in de bevolkingsregisters is de belichaming van de vereiste dat voor het doen van een aangifte een nauwe band met België is vereist.

Strenge criteria

Om in aanmerking te komen moet men:

  1. “De voortdurende en onomkeerbare innerlijke overtuiging hebben tot het andere geslacht te behoren dan datgene dat is vermeld in de akte van geboorte”
  2.  Men moet bovendien “lichamelijk zodanig aan dat andere geslacht aangepast zijn als uit medisch oogpunt mogelijk en verantwoord is”.

Heel concreet betekent dit dus dat je gesteriliseerd moet zijn: voor trans vrouwen betekent dit minimum testesverwijdering, voor trans mannen verwijdering van baarmoeder en eierstokken. Let wel: genitale chirurgie is GEEN wettelijke eis.

HOE?

Indien men aan de voorwaarden voldoet, dan kan men van die overtuiging aangifte doen bij de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente waar men is ingeschreven in de bevolkingsregisters.

Waar?

De Belg die is ingeschreven in de bevolkingsregisters doet aangifte bij de ambtenaar van de burgerlijke stand op de plaats van inschrijving in de bevolkingsregisters en dus niet op de plaats van de akte van geboorte.
Art. 62bis, § 1, 4de lid, van het Burgerlijk Wetboek bepaalt dat ingeval de Belgische aangever niet is ingeschreven in de bevolkingsregisters, de aangifte gebeurt voor de ambtenaar van de burgerlijke stand van de geboorteplaats. Indien de Belgische aangever niet in België is geboren en niet is ingeschreven in de bevolkingsregisters, kan enkel de ambtenaar van de burgerlijke stand te Brussel een akte houdende vermelding van het nieuwe geslacht opmaken.

Wat heb je nodig?

Bij de aangifte overhandigt men aan de ambtenaar van de burgerlijke stand een verklaring van de psychiater en de chirurg, waaruit blijkt:

  1. dat de betrokkene de voortdurende en onomkeerbare innerlijke overtuiging heeft tot het andere geslacht te behoren dan datgene dat is vermeld in de akte van geboorte;
  2. dat de betrokkene een geslachtsaanpassing heeft ondergaan die hem zodanig in overeenstemming heeft gebracht met dat andere geslacht, waartoe betrokkene overtuigd is te behoren, als dit uit medisch oogpunt mogelijk en verantwoord is;
  3. dat de betrokkene niet meer in staat is om overeenkomstig het vroegere geslacht kinderen te verwekken.

De wetgever stelt dus dat men niet meer in staat mag zijn om overeenkomstig het geboortegeslacht kinderen te verwekken of te baren. De geest van de wet is dus dat men een operatie moet hebben ondergaan die de fertiliteit teniet doet, vooraleer in aanmerking te kunnen komen. Dit zal gestaafd moeten worden met een verklaring van de behandelende artsen.

Let wel: dit betekent dat er GEEN effectieve reconstructie van een nieuw geslachtsdeel moet hebben plaatsgevonden, WEL dat de gonaden (eierstokken of testes) moeten zijn verwijderd. In Art. 62bis, § 2, 2° BW is de lichamelijke aanpassing als relatieve grondvoorwaarde bedoeld, dus niet alle mogelijkheden moeten worden benut of effectief uitgevoerd. Een voorafgaande fallusconstructie is bv. niet vereist voor de transman, als de verwekking van kinderen als vrouw maar onmogelijk is geworden (zie Rb. Antwerpen 3 april 2009, RW 2009-10, 630). De onomkeerbare onvruchtbaarheid is dus een absolute grondvoorwaarde.

Wat gebeurt er na de aangifte?

Na deze aangifte maakt de ambtenaar een akte houdende vermelding van het nieuwe geslacht op. De akte houdende vermelding van het nieuwe geslacht heeft uitwerking vanaf haar inschrijving in het register van de akten van geboorten. Vooraleer de ambtenaar de vermelding maakt, moet hij/zij een ‘verhaaltermijn’ van 60 dagen respecteren. Binnen deze 60 dagen kunnen namelijk belanghebbenden die niet akkoord gaan met deze wijziging van geslacht, of de procureur des Konings verzet aantekenen. De ambtenaar zal ten vroegste 30 dagen na het verstrijken van deze termijn de vermelding in de geboorteakte inschrijven. Dit betekent dus dat er 90 dagen zullen voorbij gaan vooraleer de ambtenaar de wijziging zal noteren. Concreet betekent het dat er een kantmelding wordt gemaakt van het nieuwe geslacht in de geboorteakte. Daarna dient de ambtenaar binnen de drie dagen de procureur des Konings bij de rechtbank van eerste aanleg te informeren over deze wijziging.

Vanaf wanneer heb je dan je nieuwe juridische geslacht?

De juridische wijziging van het geslacht gaat in vanaf het moment van de inschrijving. Dit betekent dat het nieuwe geslacht geldt vanaf heden en voor de toekomst, maar niet in het verleden. Deze zogenaamde ex nunc regeling, werd gekozen om rechtsonzekerheid te voorkomen en de persoons-en familierechtelijke verhoudingen die bestaan, te behouden.

Wat het ouderschap betreft, betekent dit dus het volgende: wanneer bijv. een transseksuele vrouw vóór transitie de vader is van een kind, blijft zij ook na de transitie vader van dit kind, zelfs al is zij op dat moment juridisch vrouw.

Hoe lang duurt het?

De termijn waarop dit kan geregeld worden is dus minstens 3 maanden, plus de termijn die nodig is om een nieuw rijksregisternummer toe te kennen (ongeveer 2 maand) en een nieuw paspoort aan te maken. We komen dus al snel uit op een maand of 5.

KOSTPRIJS?

De kosten die verbonden zijn aan deze administratieve procedure, zijn ten laste van de aanvra(a)g(st)er. Je verzamelt zelf alle nodige attesten voor de aanvraag.

Reken ook nog de kostprijs van een nieuwe elektronische identiteitskaart (en nieuwe foto’s). Deze prijs van de identiteitskaart verschilt per gemeente. Het totaalbedrag omvat:

  • 12 euro voor de vervaardiging van de kaart. Dit bedrag is hetzelfde voor alle gemeenten.
  • de eventuele gemeentetaks die bepaald wordt door de lokale gemeenteraad.