hormonen

Transgender personen kunnen indien ze dat wensen een hormonale behandeling krijgen. Dat is mogelijk vanaf 16 jaar. Daarvoor kunnen transgender adolescenten onder bepaalde voorwaarden puberteitsremmers krijgen om de ontwikkeling van de secundaire geslachtskenmerken vanaf de puberteit af te remmen.

Bij het opstarten van de hormonale behandeling wordt de endocrinoloog betrokken. De endocrinoloog, een arts gespecialiseerd in hormonen, zal je begeleiden bij het maken van een correcte en veilige keuze. De opvolging van de hormonale behandeling gebeurt doorgaans drie- tot viermaandelijks in het eerste jaar en om de zes maanden in het tweede jaar. Na eventuele geslachtsbevestigende chirurgie worden de controles uitgevoerd op jaarlijkse basis of frequenter op vraag of bij problemen. Bij de opvolging hoort naast het aanleveren van details over de medische voorgeschiedenis en huidige behandelingen, een bloedafname voor het bepalen van de hormonale spiegels, een bepaling van bloeddruk en lichaamsgewicht en een lichamelijk nazicht door de behandelende arts.

Testosteron

De hormoonbehandeling bestaat voornamelijk uit het toedienen van testosteron. De optimale testosterontoediening probeert de hormonale situatie van de jonge man na te bootsen. Ze mikt kortom op een “normale” testosteronconcentratie in het bloed als bij de volwassen man. Om de menstruatie tegen te gaan kunnen progestagenen worden gebruikt: om de drie maanden wordt dan een langwerkende, inspuitbare vorm van progesteron toegediend (de zogenaamde prikpil).

Een andere optie is om de minipil te nemen op continue basis, dus zonder stopweek. Deze behandeling legt de cyclus (op termijn) stil. Progestagenen zijn niet bij iedereen nodig, omdat testosteronbehandeling op zich ook de menstruatiecyclus stillegt bij de meesten. Als de menstruele bloeding tijdens de testosteronbehandeling toch zou doorkomen, wordt de behandeling met progesteron aangevuld.

Bij het toedienen van testosteron ontstaat na drie tot vier maanden in de meeste gevallen een onomkeerbare mannelijke lage stem. Voor een klein percentage van de trans personen is de stemdaling niet voldoende, zij kunnen met logopedie of met een operatie verder worden geholpen. De onderhuidse vetverdeling verandert in de mannelijke richting. De huid wordt wat vettiger en er kan acne optreden. Er treden bij de meesten baardgroei en lichaamsbeharing op of de lichaamsbeharing neemt toe. Als men hiertoe aanleg heeft, kan ook verlies van hoofdhaar optreden.

De menstruatie stopt meestal volledig. De borsten kunnen wat slapper en kleiner lijken. Sommige trans personen ervaren ook psychologische neveneffecten zoals een verhoogde prikkelbaarheid en een verhoogde assertiviteit. Het libido neemt toe en de clitoris groeit (in beperkte mate). Ook de spierkracht neemt toe. Over de invloed van hormonen op de seksualiteitsbeleving kan je hier meer lezen. De mate waarin en de snelheid waarmee de ‘mannelijke’ kenmerken verschijnen, verschillen van persoon tot persoon.

Producten

Een testosteron behandeling kan bestaan uit pillen, inspuitingen of een transdermale gel. Een overzicht van de producten op de Belgische markt vind je in de rechterkolom.
Sinds geruime tijd bestaan er testosteronpreparaten die ingespoten kunnen worden. Deze producten worden om de twee tot drie weken in de spier geïnjecteerd. Er is ook een langwerkende, inspuitbare vorm van testosteron undecanoaat (Nebido ®) beschikbaar. Daarvan moeten maar vier injecties per jaar toegediend worden. Op termijn kan je eventueel zelf het product injecteren, verder kan je ook steeds terecht bij een huisarts of (thuis)verpleegkundige. 

Testosteron bestaat ook in pilvorm, maar deze preparaten hebben een relatief zwak testosteroneffect en vergen een frequente, dagelijkse inname van vier tot zes pillen. Het is vaak moeilijk om voldoende gemotiveerd te blijven om deze behandeling levenslang vol te houden. Testosterongel moet dagelijks worden aangebracht: 1 zakje wordt verdeeld ingesmeerd op beide bovenarmen.

Het enige terugbetaalde mannelijk hormoon in de handel is momenteel Sustanon ®, een inspuitbare vorm van testosteron. In een verpakking zit één ampul, met een werking van 2 à 3 weken.

Hoe krijg je Sustanon terugbetaald?

Vroeger moest de endocrinoloog aantonen dat je ofwel een gonadectomie (verwijdering van de eierstokken) had ondergaan ofwel dat je een te laag gehalte aan testosteron had (< 300ng/dl). Bij deze laatste optie had je twee labo-uitslagen nodig met een interval van tenminste 15 dagen ertussen. Dit betekende dat de hormoonbehandeling tijdelijk werd stopgezet om een voldoende laag gehalte aan testosteron te kunnen aantonen. Verder moest je ook een officiële aanpassing van je geslachtsregistratie naar man doorgevoerd hebben. Sinds 2020 vervallen deze voorwaarden en kan je simpelweg terugbetaling bekomen indien je opgevolgd wordt door een endocrinoloog.

Je dient dan een attest te laten invullen en ondertekenen door een specialist (dit moet een endocrinoloog of pediater zijn – dus niet de huisarts). Het document kan je downloaden van de website van het RIZIV of vind je in de rechterkolom. Ingevuld en ondertekend stuur je het document naar je ziekenfonds. De eerste aanvraag is goed voor ongeveer 12 maanden, daarna kan deze verlengd worden voor 60 maanden.

Mogelijke bijwerkingen

Er zijn weinig redenen om iemand testosteron te ontzeggen. Vanaf 16 jaar is een testosteronbehandeling mogelijk en ook als men al in de menopauze is, kan het nog. Bij bestaande leverfunctieproblemen is extra voorzichtigheid geboden, omdat levertesten door testosteron verder kunnen stijgen. Ernstig overgewicht en een veel te hoog cholesterolgehalte in het bloed worden het best aangepakt voor het opstarten van de testosteronbehandeling. Het is ook belangrijk om het aantal rode bloedcellen op te volgen omdat een te hoge dosis testosteron een te grote aanmaak van rode bloedcellen kan veroorzaken. Dat verhoogt het risico op trombose of bloedklontervorming. Het toedienen van testosteron verhoogt het risico op kanker niet. Bij trans personen die kiezen voor hormonale behandeling zonder wegname van baarmoeder of eierstokken wordt een opvolging met beeldvorming geadviseerd.

Tot op heden is er geen enkel medisch argument dat aangeeft dat de hormonale behandeling onderbroken moet worden op hogere leeftijd. Er is ook geen leeftijd waarop wordt aangeraden hormonen te stoppen. Testosteronbehandeling gaat dus, eenmaal gestart, levenslang verder. Stoppen met testosteron betekent niet dat de vrouwelijke cyclus van oestrogenen onmiddellijk weer op gang komt. Dit ‘slapende’ systeem heeft ongeveer zes weken nodig voor het weer op gang komt (in zoverre de eierstokken nog aanwezig zijn).

Het stoppen met testosteron voor een gonadectomie (verwijdering van de eierstokken) levert weinig bijzondere klachten op, omdat de lichaamseigen geslachtshormonen terug overnemen met feminisatie als voornaamste gevolg. Na een gonadectomie kunnen er echter acute klachten ontstaan van hormonale tekorten: warmteopwellingen, vermoeidheid, zwakte en slaapproblemen. De klachten die bij de menopauze horen worden hierbij vaak gerapporteerd of mee vergeleken. Het lichaam heeft nood aan geslachtshormonen. Occasioneel en ongecontroleerd gebruik zal beperkte symptomen geven, maar kan op termijn negatief zijn voor de botdensiteit.

Hormonen neem je dus gecontroleerd en je hele leven lang. Wel wordt gevraagd de hormonale behandeling even te onderbreken voor een operatie waarna langere bedrust te verwachten is. Concreet betekent dit: geen gel smeren de dag van opname, geen inspuitingen in de week van de opname, en bij de driemaandelijkse inspuiting wordt afgeraden om in de maand voor de opname een inspuiting te doen. Zodra er weer lichamelijke activiteit is na de operatie – men is uit bed en kan weer rondwandelen- kan de hormonale behandeling terug worden opgestart.

Opvolging en effecten op de gezondheid

Er zijn nog geen studies die de langetermijneffecten (40 à 50 jaar) van hormonale behandeling met testosteron op de gezondheid in kaart brachten, omdat de behandeling nog maar relatief kort bestaat. Er zijn wel studies naar middellangetermijn effecten. Uit deze studies blijkt dat het een veilige behandeling betreft met positieve gewenste effecten. Op basis van de huidige medische kennis geeft de hormonale behandeling voor trans personen in vergelijking met een controlegroep geen verhoogd risico op versneld overlijden.

Het is wel belangrijk om de hormoonbehandeling te volgen zoals die werd voorgeschreven door de endocrinoloog. Deze zorgt ervoor dat de behandeling afgestemd is op je individuele situatie en gebaseerd is op internationale richtlijnen en het meest recente wetenschappelijk onderzoek. Ook na het opstarten van de behandeling blijft regelmatige controle door een arts belangrijk. Dit kan eventueel ook door de huisarts gebeuren, al dan niet in overleg met de endocrinoloog. Zij zullen risicofactoren zoals roken, hoge bloeddruk of hoge cholesterolwaarden aankaarten.

Overdosering van hormonen kan onder meer leiden tot trombose en andere ernstige bijwerkingen. Een vermannelijking vergt tijd, zoals een andere puberteit. Meer hormonen nemen zorgt niet voor meer effect, maar wel voor meer bijwerkingen als bepaalde dosissen overschreden worden. Wij raden daarom zelfmedicatie en extra hormonen naast de voorgeschreven behandeling heel sterk af. Ook hormonen aankopen via het internet en zonder voorschrift wordt afgeraden. Volg steeds het advies van de arts.

Vruchtbaarheid

Onder invloed van hormonale behandeling met testosteron is men de facto onvruchtbaar: er vindt immers geen eisprong meer plaats. Let wel op: testosteron is geen contraceptie. Zodra de behandeling met testosteron stopt, komt de cyclus na enige tijd terug op gang, als de eierstokken nog aanwezig zijn. Het is pas na de chirurgische verwijdering van deze organen (hysterectomie en ovariëctomie) dat men definitief onvruchtbaar is. Daarom is het belangrijk om voor de hormonale behandeling het onderwerp vruchtbaarheid te bespreken met de psycholoog/psychiater en/of endocrinoloog.

Invriezen van eicellen voor de start van de hormonale behandeling is mogelijk, maar dan dienen wel een tijdlang hoge dosissen oestrogeen te worden toegediend, iets wat voor de meeste trans mannen toch een flinke uitdaging is. Een embryo invriezen kan ook als er al zaadcellen beschikbaar zijn van de partner, of van een donor. Als men dat wenst kan er wel ten tijde van de verwijdering van de eierstokken en eileiders ovarieel weefsel worden ingevroren. Dit is echter nog in een experimentele fase. Voor meer informatie hierover kan men terecht bij de endocrinoloog of fertiliteitsarts. Over fertiliteitspreservatie kan je hier meer lezen.