falloplastie

Falloplastie (soms ook als phalloplastie geschreven) is de reconstructie van de penis, meestal gebeurt dit met weefsel (een ‘ent’) van de voorarm (bij voorkeur de niet-dominante hand) of van het dijbeen (al dan niet in combinatie met een liesflap). Het is aangewezen om de voorarm (waar de ent genomen wordt) een aantal keer te epileren met laser. Het is ook heel belangrijk om te stoppen met roken om te vermijden dat de ent afsterft. Informatie over het ontharen van het stuk huid waar de ent genomen zal worden, vind je elders terug.

Operatie

Patiënten worden één dag voor de operatie opgenomen om een preoperatieve darmvoorbereiding te doen (het leegmaken van de darmen) en om de aftekeningen te maken ter hoogte van de arm of het been. De ingreep wordt altijd door twee teams uitgevoerd.

De uroloog opereert van bij het begin van de operatie in de genitale of perineale positie. Hij reconstrueert het vaste of het horizontale deel van de urethra of de urinebuis met de kleine schaamlippen. Zo wordt de uitmonding van de urineafvoer tot vooraan in de schaamstreek verlengd. Tijdens de operatie wordt door verplaatsing van de grote schaamlippen een normaal mannelijk scrotum gereconstrueerd. Via een incisie laag in de onderbuik en ter hoogte van de liezen worden ook de zenuwen vrij geprepareerd evenals de bloedvaten waarop dan later de anastomosen of connecties met het weefsel van de penis zullen plaatsvinden.

De reconstructie van de penis, de zogenaamde falloplastie, gebeurt meestal met weefsel van de voorarm (huid + vetweefsel, geen spier). Dat wordt als vrij gevasculariseerd transplantaat (vrije flap) verplaatst van de arm naar de genitale streek. Hierbij wordt een penis gereconstrueerd als een buis-in-een buis: de binnenste buis dient voor de afvoer van de urine, de buitenste buis dient als volume en bedekking van de penis. De eikel en rand van de eikel worden gereconstrueerd. Deze nieuw gereconstrueerde penis blijft alleen nog verbonden met de voorarm via een slagader voor de toevoer van het bloed en met een ader voor de afvoer van het bloed. Als de uroloog klaar is, de bloedvaten in de lies vrij geprepareerd zijn en de vrije flap dus getransfereerd kan worden, worden deze slagader en ader doorgenomen en met behulp van de microscoop gereconnecteerd met een slagader en een ader in de liesstreek. Zo wordt de bloedcirculatie in de penis op gang gebracht. Ook worden twee zenuwen van de onderarm geconnecteerd, één met een zenuw van de clitoris voor erogene gevoeligheid en één met een zenuw in de liesstreek voor de normale protectieve of beschermende sensibiliteit. Na de operatie wordt de penis zeer frequent gecontroleerd om te zien of de bloedvoorziening nog intact is.

Op de plaats waar de huid en het vetweefsel weggenomen zijn, gebeurt een huidtransplantatie met een huident. Dit geeft wel een wat verlittekend uitzicht en de arm zal er iets dunner uitzien. De operatie duurt zo’n 8 à 9 uur en de patiënt blijft gemiddeld 2,5 weken in het ziekenhuis.

In sommige gevallen wordt ook het weefsel van de dij gebruikt. Dit kan enkel indien er weinig vetweefsel aanwezig is in het bovenbeen. Ook de aanwezigheid van een ader is vereist zodat die geconnecteerd kan worden met de ader in de liesstreek. Hiervoor moet men eerst een onderzoek uitvoeren omdat deze ader afwezig is bij 3% van de bevolking. De operatie op zich wordt op eenzelfde manier uitgevoerd, behalve dat de huid dan afkomstig is van het dijbeen. In het UZ Gent is men gestart met een onderzoek rond de mogelijke verschillen in uitkomst bij het gebruik van huid van het bovenbeen of de voorarm.

Een realistische eikel creëren blijft moeilijk. Met een recent ontwikkelde techniek is het nu ook mogelijk dat er een kleine verdikking is die de eikel onderscheidt van de rest van de penis. De meest gebruikte techniek naait de stukken huid langs de binnenkant aaneen. De nieuwe techniek zal het stuk huid van de eikel eerst naar buiten toe plooien vooraleer die aan de penis genaaid wordt, hierdoor ontstaat een dikkere rand. Vraag zeker na bij uw chirurg welke techniek hij/zij gebruikt. Ook kan achteraf door middel van een medische tatoeage een nog meer realistische penis bekomen worden. 

vrouwnaarman-page-001

© Fran Bambust, uittreksel uit de brochure ‘Alles wat je altijd al wilde weten over transgenders’.

Complicaties

De kans op complicaties is ongeveer 40 %. Door dit aanzienlijk risico op complicaties, zijn soms meerdere operaties nodig. Een vroege complicatie kan zijn dat zich een klonter vormt in het slagadertje naar de flap. Dan is een nieuwe chirurgische ingreep noodzakelijk om de bloedcirculatie terug op gang te brengen. Andere vroege complicaties zijn, zoals bij elke chirurgische ingreep, nabloeding, moeilijke wondgenezing of infectie.

De meest voorkomende complicaties achteraf ontstaan door de plasbuisverlenging. Deze geeft een kans van ongeveer 14 % op vernauwingen van de plasbuis en 40 % op fistels (openingen vanuit de plasbuis naar buiten). Fistels genezen vaak spontaan binnen een periode van zes maanden. Bij vernauwingen gaat de uroloog bijkomend onderzoek uitvoeren om zo nodig een (chirurgische) behandelingen te starten.

Minder vaak voorkomende complicaties zijn het verlies van de huidflap (< 5 %), het gedeeltelijk of geheel afsterven van de penis (1 – 3 %) en het optreden van infecties of wondproblemen op de plaats waar de huidflap werd weggenomen (donorsite morbidity, 11 %).

Een ernstige maar zelden voorkomende complicatie is een complicatie aan de darmwand waardoor er tijdelijk een stoma nodig is. De opname in het ziekenhuis kan daardoor met meerdere weken verlengd worden.

Gevolgen op seksueel vlak

Het gevoel in de penis zal slechts na enkele maanden terug aanwezig zijn. De clitoris bevindt zich wel onderhuids wat zorgt voor minder gevoeligheid dan voordien. De mogelijkheid tot het krijgen van een orgasme blijft behouden. Verder kunnen zo goed als alle transmannen na falloplastie rechtopstaand plassen. Om te kunnen penetreren is een erectieprothese nodig, die vanaf 12 maanden na falloplastie kan geplaatst worden. Er bestaan ook externe hulpmiddelen zoals een penis sleeve, of een spannend condoom, die kunnen volstaan om te penetreren. Meer informatie over seksualiteit en veilig vrijen na falloplastie vind je onder ‘seksualiteit‘.

Voorwaarden

Om in aanmerking te komen voor een falloplastie dient met volwassen te zijn, in goede gezondheid te verkeren, niet te roken en een BMI tussen de 18-30 te hebben. Verder wordt er vooraf gecontroleerd door een uroloog of de plasfunctie in orde is. Indien er blaasproblemen zijn, dienen die eerst aangepakt te worden.

Andere voorwaarden zijn dat men minimum 12 maanden gender-affirmerende hormoonbehandeling heeft gehad en reeds 12 maanden leeft in de genderrol congruent met de genderidentiteit.

Hoewel heel wat transmannen voorafgaand aan een falloplastie een hysterectomie ondergaan, is dit geen strikte voorwaarde voor een falloplastie. Ook een vaginectomie is geen voorwaarde. Beiden worden wel aangeraden door de chirurgen.

Kostprijs

Het ziekenfonds betaalt ongeveer 90% van de kosten voor de ingreep terug. Voor het ziekenhuis zijn daarmee niet alle kosten gedekt. Daarom rekent het ziekenhuis de patiënt een eigen bijdrage rond de 3500€, inclusief remgeld en opleg voor medicatie. Het bedrag kan variëren naargelang het al dan niet optreden van complicaties die de hospitalisatietijd verlengen.

Herstelperiode

Men moet meestal rekening houden met een tijdelijke arbeidsongeschiktheid van een twee tot drie maanden (zonder complicaties).

Nazorg

Na een herstelperiode is het mogelijk om met tatoeëertechnieken de eikel in te kleuren, en zelfs om aders op de schacht te tekenen. Dit geeft een nog meer overtuigend resultaat.