414 personen veranderden in 2020 officieel hun geslachtsregistratie

03/05/2021

Zoals verwacht zorgde de transgenderwet (2018) ervoor dat meer trans personen hun geslachtsregistratie officieel lieten aanpassen. Dat jaar pasten massaal veel mensen hun geslachtsregistratie aan, want maar liefst 742 aanvragen werden geteld.

Tussen 2019 en 2020 veranderden nog eens 400 à 500 personen hun geslachtsregistratie. Niet zoveel als in 2018 maar wel nog steeds veel meer dan de periode voor de wet in werking trad. Zo zagen we in 2017 “slechts” 110 wijzigingen. In 2020 wijzigden 414 officieel hun geslachtsregistratie.

Ongeveer evenveel trans mannen als trans vrouwen lieten hun geslachtsregistratie wijzigen. Trans mannen zijn vaak jonger dan trans vrouwen wanneer ze hun geslachtsregistratie laten aanpassen. De gemiddelde leeftijd waarop ze de aanpassing doorvoeren is 27 jaar, terwijl trans vrouwen gemiddeld 10 jaar ouder, en dus 37, zijn. Ook blijkt dat in Vlaanderen in verhouding meer wijzigingen worden aangevraagd. 63% van de aanvragen komen uit Vlaanderen, tegenover 26% in Wallonië en 7% in Brussel.

Het volledige cijferrapport kan worden nagelezen op de website van het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen: igvm-iefh.belgium.be

De transgenderwet zorgt dus voor een blijvende boost in aanvragen, al schiet de wet nog wat tekort. Liesbet Stevens, adjunct-directeur van het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen, verduidelijkt: “Hoewel de Transgenderwet voor veel transgender personen deuren opent, oordeelt het Grondwettelijk Hof dat de wet onvoldoende tegemoetkomt aan de rechten van non-binaire en genderfluïde personen. Ook zij moeten hun genderregistratie in overeenstemming kunnen brengen met hun genderidentiteit. Ook moet het mogelijk worden om de wijziging in registratie meerdere keren door te voeren.”

Sarah Schlitz, staatssecretaris voor Gendergelijkheid, voegt daaraan toe: “Samen met de minister van Justitie werd een voorstel opgesteld om de bestaande leemten in de wet voor transgender personen weg te werken. Dit zal opnieuw een belangrijke stap zijn voor de eerbiediging van de rechten van genderfluïde personen, zoals het Grondwettelijk Hof vraagt. Ik hoop deze wetswijziging nog voor de zomer te kunnen doorvoeren. Maar daarnaast willen we ook een breder debat over de zichtbaarheid en de noodzaak van genderaanduidingen op allerlei soorten documenten. De regering verbindt er zich immers toe het zelfbeschikkingsrecht van iedere burger te eerbiedigen.”