genderidentiteit

De term ‘genderidentiteit’ (ook wel ‘psychische identiteit’ genoemd) verwijst naar de innerlijke genderbeleving van zich man/jongen, vrouw/meisje, afwisselend of (geen van) beiden te voelen. Genderidentiteiten worden meestal onderverdeeld in twee grote groepen: cisgender en transgender.

Genderidentiteit bij cisgender personen

Bij cisgender personen stemt de genderidentiteit en het toegewezen geboortegeslacht met elkaar overeen. Je wordt bijvoorbeeld geboren met vrouwelijke geslachtskenmerken en je voelt je ook een meisje/vrouw; of je wordt geboren met mannelijke geslachtskenmerken en je voelt je ook een jongen/man.

Cisgender-zijn is de heersende norm en veroorzaakt een valse veronderstelling dat ieders genderidentiteit overeenstemt met het toegewezen geboortegeslacht. De cisgender norm (ook wel ‘cisnormativiteit’ genoemd) gaat ervan uit dat er slechts twee genderidentiteiten bestaan: enerzijds mannen, anderzijds vrouwen. Dit noemt men ‘een duale of gender-binaire opvatting’ en staat haaks op het bestaan van genderdiversiteit. Er is immers een grote variatie aan genderidentiteiten en de manier waarop personen zichzelf identificeren.

Genderidentiteit bij transgender personen

Het kan ook voorkomen dat de genderidentiteit en het toegewezen geboortegeslacht min of meer in conflict staan met elkaar, of gewoon niet (volledig) samenvallen. Er is een brede diversiteit mogelijk in de genderbeleving van jongetje of/noch meisje, man of/noch vrouw te zijn. Het is echter belangrijk om te weten dat dit geen afwijking of ziekte is, maar een normale variatie op het mens-zijn.

De term ‘transgender’ dekt dan ook een diverse populatie die bestaat uit mensen met een binaire genderidentiteit, waaronder trans mannen en trans vrouwen, alsook mensen met een niet-binaire genderidentiteit, waaronder non-binaire personen.

Meer lezen?

Aan de hand van het doe-boek ‘De genderzoektocht’ kunnen tieners en jongvolwassenen hun genderidentiteit verkennen. Deze gids is geschreven voor jongeren die verschillende manieren willen ontdekken waarop ze hun ervaren gender kunnen uiten, vragen hebben over hoe ze hun gender thuis, op school, op het werk, of in relaties kunnen uitdrukken, overwegen veranderingen te maken in hun leven die beter bij hun genderidentiteit passen, of die helemaal niets willen veranderen maar wel een genderzoektocht willen maken.