falloplastie

Falloplastie (soms ook als ‘phalloplastiek’ geschreven) is de reconstructie van de penis met donorhuid, meestal gebeurt dit met weefsel (een ‘flap’) van de voorarm (bij voorkeur de niet-dominante hand) of van het dijbeen (al dan niet in combinatie met een liesflap of kleinere lap van de voorarm). Het laatste jaar wint ook de SCIP-techniek met enkel liesflappen aan meer populariteit. De ingreep wordt uitgevoerd door een plastisch chirurg en uroloog.

Voorwaarden

Om in aanmerking te komen voor een falloplastie zijn er wel een aantal voorwaarden. Allereerst dient men volwassen te zijn (d.w.z. 18+), in goede gezondheid te verkeren, niet te roken 6 maand voor de ingreep (om te vermijden dat de flap afsterft) en een BMI tussen de 18-30 te hebben. Verder wordt er vooraf gecontroleerd door een uroloog of de plasfunctie in orde is. Dit doet men aan de hand van een urineflow-test. Indien er blaasproblemen zijn, dienen die eerst behandeld te worden. Een andere voorwaarde is dat men minimum 12 maanden genderaffirmerende hormoonbehandeling heeft gehad. Indien men kiest om de flap uit de voorarm te halen, is het aangewezen om de voorarm een aantal keer te epileren met laserbestraling. Informatie over het ontharen van het stuk huid waar de flap genomen zal worden, vind je op de pagina ‘ontharing‘ terug.

Hoewel heel wat trans mannen voorafgaand aan een falloplastie een hysterectomie ondergaan, is dit geen strikte voorwaarde voor een falloplastie. Ook een vaginectomie (chirurgische ingreep waarbij de schede (of het geboortekanaal) gedeeltelijk of volledig verwijderd wordt) is geen voorwaarde. Maar deze keuze verkleint de opties van de verschillende types falloplastie die uitgevoerd kunen worden.

Hoe

Personen worden één dag voor de operatie opgenomen om een preoperatieve darmvoorbereiding te doen (het leegmaken van de darmen) en om de aftekeningen te maken ter hoogte van de arm, het been of de lies(zen). De ingreep wordt altijd door twee teams uitgevoerd.

Deel 1: verlenging plasbuis en scrotum

De uroloog opereert van bij het begin van de operatie in de genitale of perineale positie. Men reconstrueert het vaste of het horizontale deel van de plasbuis met de kleine schaamlippen. Zo wordt de uitmonding van de urineafvoer tot vooraan in de schaamstreek verlengd. Tijdens de operatie wordt door verplaatsing van de grote schaamlippen een normaal mannelijk scrotum gereconstrueerd. Via een incisie laag in de onderbuik en ter hoogte van de liezen worden ook de zenuwen vrij geprepareerd evenals de bloedvaten waarop dan later de anastomosen of connecties met het weefsel van de penis zullen plaatsvinden.

Opmerking: men kan ook kiezen voor een falloplastie zonder plasbuisverlenging. De technieken blijven hierbij nagenoeg hetzelfde.

Deel 2: Constructie fallo: verschillende technieken

De reconstructie van de penis, de zogenaamde falloplastie, gebeurt door een plastisch chirurg. Om de penis te construeren wordt weefsel gebruikt van de voorarm of het dijbeen. Er zijn hiervoor verschillende operatietechnieken. Er wordt gebruik gemaakt van de buis-in-buis reconstructie: de binnenste buis dient voor de afvoer van de urine (plasbuis), de buitenste als volume en bedekking van de penis (fallus). Wat echter verschilt is, welk weefsel men gebruikt om de plasbuis en fallus te reconstrueren. Mogelijkheden zijn weefsel uit de onderarm, het dijbeen of de liezen:

  • optie 1: plasbuis en fallus aan de hand van de onderarm
  • optie 2: plasbuis uit de lies en fallus aan de hand van bovenbeen
  • optie 3: plasbuis en fallus aan de hand van bovenbeen
  • optie 4: plasbuis aan de hand van onderarm en fallus aan de hand van bovenbeen
  • optie 5: plasbuis en fallus aan de hand van liezen

Op deze pagina worden de verschillende opties in detail uitgelegd en verduidelijkt aan de hand van tekeningen.

Op onderstaande tekeningen wordt verduidelijkt hoe de penis wordt gemaakt uit de verschillende flappen:

Deel 3: vervolg reconstructie fallo en eikel

De nieuw gereconstrueerde penis blijft alleen nog verbonden met de voorarm/dijbeen/lies via een slagader voor de toevoer van het bloed en met een veen voor de afvoer van het bloed. Als de uroloog klaar is, de bloedvaten in de lies vrij geprepareerd zijn en de vrije flap dus getransfereerd kan worden, worden deze slagader en veen doorgenomen en met behulp van de microscoop gereconnecteerd met een slagader en een veen in de liesstreek. Zo wordt de bloedcirculatie in de penis op gang gebracht. Ook worden twee zenuwen van de onderarm/dijbeen/lies geconnecteerd, één met een zenuw van de clitoris voor erogene gevoeligheid en één met een zenuw in de liesstreek voor de normale protectieve of beschermende sensibiliteit.

Na de operatie kom je op de ontwakingsruimte terecht waar je ook één nacht zal overnachten, zodanig dat de penis frequent gecontroleerd kan worden om te zien of de bloedvoorziening nog intact is. De dag nadien mag je gewoon weer naar je kamer.  

Een realistische eikel creëren blijft moeilijk. Met een recent ontwikkelde techniek is het nu ook mogelijk dat er een kleine verdikking is die de eikel onderscheidt van de rest van de penis. De meest gebruikte techniek naait de stukken huid langs de binnenkant aaneen. De nieuwe techniek zal het stuk huid van de eikel eerst naar buiten toe plooien vooraleer die aan de penis genaaid wordt, hierdoor ontstaat een dikkere rand. De eikel wordt dus in tweede tijd gereconstrueerd.

Vraag zeker na bij uw chirurg welke techniek hij/zij/die gebruikt. Ook kan achteraf door middel van een medische tatoeage een nog meer realistische penis bekomen worden. Na een herstelperiode is het immers mogelijk om met tatoeëertechnieken de eikel in te kleuren, en zelfs om aders op de schacht te tekenen. Dit geeft een nog meer overtuigend resultaat.

Herstelperiode

De operatie duurt zo’n 8 à 9 uur en de persoon blijft gemiddeld 7 à 10 dagen in het ziekenhuis. Men moet meestal rekening houden met een tijdelijke arbeidsongeschiktheid van een zestal weken (zonder complicaties), waarna langzaam de normale activiteiten terug worden opgebouwd.

Complicaties

De kans op complicaties is ongeveer 40%. Door dit aanzienlijk risico op complicaties, zijn soms meerdere operaties nodig. Een vroege complicatie kan zijn dat zich een klonter vormt in het slagadertje naar de flap. Dan is een nieuwe chirurgische ingreep noodzakelijk om de bloedcirculatie terug op gang te brengen. Andere vroege complicaties zijn, zoals bij elke chirurgische ingreep, nabloeding, moeilijke wondgenezing of infectie.

De meest voorkomende complicaties achteraf ontstaan door de plasbuisverlenging. Deze geeft een kans van ongeveer 14% op vernauwingen van de plasbuis en 40% op fistels (openingen vanuit de plasbuis naar buiten). Fistels genezen vaak spontaan binnen een periode van zes maanden. Bij vernauwingen gaat de uroloog bijkomend onderzoek uitvoeren om zo nodig een (chirurgische) behandeling te starten.

Minder vaak voorkomende complicaties zijn het verlies van de huidflap (< 5%), het gedeeltelijk of geheel afsterven van de penis (1 – 3%) en het optreden van infecties of wondproblemen op de plaats waar de huidflap werd weggenomen (‘donorsite morbidity‘, 11%).

Een ernstige maar zelden voorkomende complicatie is een complicatie aan de darmwand waardoor er tijdelijk een stoma nodig is. De opname in het ziekenhuis kan daardoor met meerdere weken verlengd worden.

Gevolgen op seksueel vlak

Het gevoel in de penis zal slechts na enkele maanden langzamerhand komen. De clitoris bevindt zich wel onderhuids wat zorgt voor minder gevoeligheid dan voordien. De mogelijkheid tot het krijgen van een orgasme blijft behouden. Verder kunnen zo goed als alle transgender mannen na falloplastie rechtopstaand plassen. Om te kunnen penetreren is een erectieprothese nodig, die ten vroegste vanaf 12 maanden na falloplastie kan geplaatst worden. Hiervoor kan je opnieuw contact opnemen met jouw uroloog.

Er bestaan ook externe hulpmiddelen zoals een penis sleeve of een exocondoom, die kunnen volstaan om te penetreren. Een erectieprothese heeft een beperkte levensduur (5 tot 10 jaar) en kan daarom best kostelijk worden op termijn. Meer informatie over deze externe hulpmiddelen en veilig vrijen na falloplastie vind je op de pagina ‘seksualiteit‘.

Kostprijs

Het ziekenfonds betaalt ongeveer 90% van de kosten voor de ingreep terug. Voor het ziekenhuis zijn daarmee niet alle kosten gedekt. Daarom rekent het ziekenhuis de persoon een eigen bijdrage van ongeveer 3500 euro, inclusief remgeld en opleg voor medicatie. Het bedrag kan variëren naargelang het al dan niet optreden van complicaties die de hospitalisatietijd verlengen. Veel meer informatie vind je op de pagina’s rond kostprijs.